Algemene fysiotherapie (geregistreerd in het register van het KNGF)

De fysiotherapeut: specialist van het menselijk bewegen
Fysiotherapie is het vakgebied van het menselijk bewegen: de fysiotherapeut houdt zich bezig met het bewegen van mensen in hun dagelijkse omgeving en maatschappelijke participatie. De fysiotherapeutische zorg richt zich op de oorzaken van gezondheidsproblemen
en op de gevolgen van ziekten, aandoeningen en syndromen, met als doel het bevorderen van de gezondheid met betrekking tot het bewegen in relatie tot participatie in de samenleving. Voortbouwend op het zoeken naar oorzaken schenkt de fysiotherapeut veel aandacht aan preventie.
De fysiotherapeut legt de bewegings(on)mogelijkheden van de patiënt vast. Hij onderzoekt op welke wijze het bewegen plaatsvindt om te analyseren waarom de patiënt juist op deze manier beweegt. In de analyse zoekt de fysiotherapeut naar oorzakelijke en beïnvloedbare factoren opbasis waarvan hij in samenspraak met de patiënt de doelen en het behandelplan opstelt. Het doel van de behandeling is het optimaliseren van het bewegen van
de patiënt uitgaande van zijn vermogens en binnen de mogelijkheden die er zijn.
Werkwijze fysiotherapeut
De werkwijze van de fysiotherapeut kenmerkt zich door een systematische en doelgerichte aanpak. Deze aanpak wordt omschreven als het methodisch fysiotherapeutisch handelen. Door deze werkwijze is de fysiotherapeut in staat zorg op maat te leveren die helder en controleerbaar is. Invoering van directe toegankelijkheid maakt het mogelijk om de fysiotherapeut te raadplegen zonder verwijzing van de arts. Aan het methodisch handelen is daarom het screeningsproces
toegevoegd. Dit screeningsproces houdt in: het herkennen van symptomen die binnen of buiten het fysiotherapeutische domein liggen.
Na het onderzoek verwoordt de fysiotherapeut het gezondheidsprobleem in een fysiotherapeutische diagnose. Hij baseert zich op gangbare en daartoe aangewezen en onderbouwde diagnostische vaardigheden. In de behandeling past de fysiotherapeut diverse verrichtingen toe. De keuze voor verrichtingen maakt hij op basis van
klinische expertise en de voorkeuren, wensen en verwachtingen van de patiënt. Daarnaast baseert hij zijn keuze op het best beschikbare en wetenschappelijk onderbouwde bewijs waaronder richtlijnen.